Statuten Mooi Goudriaan

Naam, Zetel en Duur

Artikel 1

1. De stichting is genaamd: Stichting Mooi Goudriaan

2. Zij is gevestigd te Goudriaan, gemeente Graafstroom.

3. De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd.

Doel en middelen

Artikel 2

1. De stichting stelt zich ten doel:

Het bevorderen van het behoud, de ontwikkeling en het scheppen van hetgeen in natuur en landschap waardevol te achten is in natuurwetenschappelijk, geografisch, structureel, cultuurhistorisch en visueel opzicht, alsmede het beschermen en het zoveel voor de toekomst in de oorspronkelijk staat bewaren van het historisch en landschappelijk aanzien (inclusief de daartoe behorende roerende en registergoederen), en voorts al hetgeen met één en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, in de kern Goudriaan, onderdeel van de gemeente Graafstroom, bestaande uit de polders Nieuw en Oud Goudriaan en de bijbehorende bebouwing, de Goudriaan, en het omliggende gebied, en voorts al hetgeen met een en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.

2. De stichting tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door:

a. Het geven van voorlichting en advies op het gebied van haar doelstelling;

b. Het bijeenbrengen van gelden, nodig ter bereiking van haar doelstelling;

c. Het deelnemen aan overleg, inspraak, bezwaar-en beroepsprocedures inzake bijvoorbeeld wijzingen van bestemminsplannen en afgifte van vergunningen die Goudriaan en het omgelegen gebied betreffen;

d. Het bevorderen en onderhouden van een goede samenwerking met personen en/of instellingen, die de doelstelling van de stichting ondersteunen;

e. Het verrichten van alle verdere handelingen, die met het vorenstaande in de ruimste zin verband houden of daartoe bevorderlijk kunnen zijn, en voorts door alle wettige middelen en mogelijkheden.

3. De stichting heeft geen winstoogmerk, noch statutair, noch feitelijk.

Vermogen

Artikel 3

Het vermogen van de stichting zal worden gevormd door:

- Eigen middelen;

- Sponsoring;

- Subsidies en donaties;

- Schenkingen, erfstellingen en legaten;

- Alle andere verkrijgingen en baten.

2

Bestuur

Artikel 4

1. Het bestuur van de stichting bestaat uit tenminste drie leden en wordt voor de eerste maal bij deze akte benoemd. Het aantal leden wordt – met inachtneming van het in de vorige zin bepaalde – door het bestuur met algemene stemmen vastgesteld.

De feitelijk samenstelling van het bestuur dient zodanig te zijn dat een eventueel aanwezige relatie van bestuursleden altijd een minderheid vormt. Onder relatie wordt ten deze verstaan:

- Familieleden tot en met de vierde graad;

- Gehuwden;

- En samenwonenden

2. Het bestuur (met uitzondering van het eerste bestuur, waarvan de leden in functie worden benoemd) kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. De functies van secretaris en voorzitter kunnen ook door één persoon worden vervuld.

3. Bij het ontstaan van een (of meer) vacature(s) in het bestuur, zullende overblijvende bestuursleden met algemene stemmen (of zal het enige overblijvende bestuurslid binnen twee maanden na het ontstaan van de vacature daarin voorzien door de benoeming van een of meer opvolgers.

4. Mocht in het bestuur om welke reden dan ook een of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende bestuursleden, of vormt het enige overblijvende bestuurslid niettemin een wettig bestuur, behoudens het bepaalde in artikel 7.

5. De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun in die hoedanigheid verrichte werkzaamheden, noch hebben zij recht op vergoeding van vacatie- of presentiegeld. zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun bestuursfunctie gemaakte kosten.

Bestuursvergaderingen en bestuursbesluiten

Artikel 5

1. De bestuursvergaderingen worden gehouden te Goudriaan of op een andere met meerderheid van stemmen bepaalde plaats.

2. Ieder kalenderjaar wordt tenminste één vergadering gehouden.

3. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer de voorzitter dit wenselijk acht of indien één der andere bestuursleden daartoe schriftelijk en onder nauwkeurige opgave der te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt.

Indien de voorzitter aan een dergelijke verzoek geen gevolg geeft in dier voege, dat de vergadering kan worden gehouden binnen drie weken na het verzoek, is de verzoeker bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten.

4. De oproeping tot de vergadering geschiedt- behoudens het in lid 3 bepaalde – door de voorzitter, tenminste zeven dagen tevoren, de dag der oproeping en die der vergadering niet meegerekend, door middel van een aangetekende oproepingsbrief of per e-mail.

5. De oproepingsbrieven of e-mail vermelden, behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen.

6. Zolang in een bestuursvergadering alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten niet in acht genomen.

3

7. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur; bij diens afwezigheid wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan.

8. Van het verhandelende in de vergaderingen worden notulen gehouden door de secretaris of door één der andere aanwezigen, door de voorzitter daartoe aangezocht. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en secretaris hebben gefungeerd.

9. Het bestuur kan ter vergadering alleen dan geldige besluiten nemen indien de meerderheid zijner in functie zijnde leden ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is. Een bestuurslid kan ter vergadering door een medebestuurslid laten vertegenwoordigen op overlegging van een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter der vergadering voldoende, volmacht. Een bestuurslid kan daarbij slechts voor één medebestuurslid als gevolmachtigde optreden.

10. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuursleden in de gelegenheid zijn gesteld schriftelijk, per telefax of per e-mail hun mening te uiten. Van een aldus genomen besluit wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na mede-ondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.

11. Ieder bestuurslid heeft het recht tot uitbrengen van één stem. Voorzover deze staturen geen grote meerderheid voorschrijven worden alle bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid der geldige uitgebrachte stemmen.

12. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden dit voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ondergetekende, gesloten briefjes.

13. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.

14. In alle geschillen omtrent stemmingen, niet bij de statuten voorzien, beslist de voorzitter.

Bestuursbevoegdheid en vertegenwoordiging Artikel 6

1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.

2. Het bestuur is bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen.

3. Het bestuur is bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een derde verbindt.

Artikel 7

De stichting wordt in en buiten rechte vertegenwoordigd door het bestuur. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan één zelfstandig handelend bestuurslid.

Einde bestuurslidmaatschap

Artikel 8

Het bestuurslidmaatschap eindigt:

- Door overlijden van een bestuurslid;

- Bij verlies van het vrije beheer over zijn vermogen;

- Bij schriftelijke ontslagneming(bedanken);

- Alsmede bij ontslag op grond van artikel 298 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.

4

Boekjaar en jaarstukken

Artikel 9

1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.

2. Per einde van ieder boekjaar worden de boeken der stichting afgesloten. Daaruit worden door de penningmeester een balans en een staat van baten en lasten over het beëindigde boekjaar opgemaakt, welke jaarstukken, eventueel vergezeld van een rapport van een registeraccountant of van een accountant-administratieve consulent, binnen zes maanden na afloop van het boekjaar aan het bestuur worden aangeboden.

3. De jaarstukken worden door het bestuur vastgesteld.

Reglement

Artikel 10

1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, welke niet in deze statuten zijn vervat.

2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn.

3. Het bestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of op te heffen.

4. Op de vaststelling, wijziging en opheffing van het reglement is het bepaalde in artikel 11 lid 1 van toepassing.

Statutenwijziging

Artikel 11

1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Het besluit daartoe moet worden genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zonder dat in het bestuur enige vacature bestaat. Zijn in een vergadering als hiervoor bedoeld niet alle zittende bestuursleden aanwezig, dan zal een tweede vergadering worden bijeengeroepen, te houden uiterlijk dertig dagen na de eerste, die alsdan ongeacht het aantal aanwezige bestuursleden een geldig besluit kan nemen.

2. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen.

3. De leden van het bestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging alsmede de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het Openbaar Handelsregister, beheerd door de Kamer van Koophandel en Fabrieken, binnen welk gebied de stichting haar feitelijk adres heeft.

Ontbinding en vereffening

Artikel 12

1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in artikel 11 leden 1 en 2 van toepassing.

2. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is.

3. De vereffening geschiedt door het bestuur, tenzij het de vereffening aan één of meer anderen opdraagt.

4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat van de ontbinding van de stichting inschrijving geschiedt in het register bedoeld in artikel 11. Lid 3.

5. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht.

5

6. Een eventueel batig saldo van de ontbonden stichting wordt zoveel mogelijk besteed overeenkomstig het doel van de stichting.

7. Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden stichting gedurende de bij de wet voorgeschreven termijn berusten onder de jongste vereffenaar, thans zeven jaar.

Slotbepalingen

Artikel 13

In alle gevallen, waarin zowel de wet als deze statuten niet voorzien, beslist het bestuur.